Home

Inleiding

Bij mijn vorige onderzoek ,over de camera obscura ,ontdekte ik het belang van goede lenzen. De vorm van de lens bepaald wat er te zien is en hoe nauwkeurig.

Volgens diverse bronnen was er in de 17e eeuw maar één plek in Europa waar dit vakmanschap zo goed en met de juiste precisie werd uitgevoerd en dat was hier in Nederland, Zeeland.

Door te blijven proberen, analyseren, opnieuw proberen en te reflecteren, worden de juiste technieken ontwikkeld wat mogelijk maakt dat er minimaal 2 belangrijke uitvindingen werden gedaan. Te weten de microscoop en de telescoop. Door deze uitvindingen en het feit dat deze telkens opnieuw geperfectioneerd werden heeft men revolutionaire ontdekkingen gedaan op het gebied van anatomie, biologie en astronomie en ook voor de het militaire leger.

De ‘Hollandse kijker’

Hans Lipperhey is geboren in 1560 en komt rond 1594 naar Middelburg. Hij overlijd in 1619. Zijn expertise is het maken van brillen en slijpen van lenzen. Hij maakt de eerste Hollandse Kijker, wat lijkt op een soort verrekijker. De buurman van Lipperhey is Zacharias Janssen. Zacharias Janssen, zoon van Hans Janssen, is geboren in 1588 en overleed in 1631.

De twee waren elkaars buurman, misschien wel vrienden, maar zeker ook concurrenten.  Ze komen ongeveer gelijktijdig met de zelfde soort wetenschappelijke uitvindingen en het is af en toe onduidelijk wie van de twee eerder was. Hans Lipperhey oppert de uitvinder te zijn van de Hollandse Kijker  maar Zacharias Jansen zou ook in het bezit zijn van een soort gelijk instrument en oppert dat híj de uitvinder is. Tot slot is er zelfs een derde man, Jacob Metius, die ook claimt te kijker te hebben uitgevonden. Drie uitvinders van één apparaat? Hoe het ook zij , Hans Lipperhey heeft als eerste zijn uitvinding naar buiten gebracht en gedemonstreerd aan Prins Maurits die op dat moment een belangrijke delegatie over de vloer had om de tachtig jarige oorlog mee te bespreken. Dit gezelschap woonde de demonstratie bij en was er meteen van overtuigd dat dit apparaat van grote dienst kon zijn bij militaire doeleinden. Hans Lipperhey kreeg een goede opdracht en veel geld en bekendheid. Maar was hij ook daadwerkelijk de uitvinder? Hoewel hij patent heeft aangevraagd op de Hollandse Kijker of, verrekijker, heeft hij deze nooit ontvangen. Metius en Janssen claimden namelijk ook de uitvinder te zijn…

Zeeland

Middelburg, de hoofdstad van Zeeland, werd na de val van Antwerpen in 1585 een belangrijke stad. De voornaamste bijdrage aan de welvaart is berust op de glasindustrie. In 1581 werd de eerste  glasoven van de Noordelijke Nederlanden gebouwd en geplaatst in Middelburg en werd het zelfs als beste van Europa beschouwd. In 1590 introduceerden de Italianen nieuwe bewerkingstechnieken in Zeeland en zowel Lipperhey als Jansen kregen die mee. Ze gingen vaak naar de glasfabriek en  borduurden voort op de reeds bekende ontwikkelingen.

De Hollandse Kijker op zich was nog niet een heel bijzonder instrument maar het betekende wel een doorbraak voor, lenzenslijpers, brillenmakers en glasbewerkers en gaf de basis voor nieuwe ontwikkelingen.

Zacharias Janssen

Janssen is in het begin van de gouden eeuw brillenmaker. Hij treed hiermee in de voetsporen van zijn vader en helpt hem vaak bij het slijpen van lenzen. Er wordt van hem gezegd dat hij uitstekend dingen kon namaken ofwel vervalsen en met name munten. Toch wordt ook zijn naam gekoppeld aan belangrijke uitvindingen zoals de verrekijker, de telescoop en de microscoop. Hoe zat dat nu precies?

De microscoop

De microscoop is een uitvinding uit 1595 en wordt toegewezen aan Zacharias Janssen. Het gaat hier om de ‘samengestelde microscoop’, en zal hierna nog door vele geperfectioneerd worden. Het woord ‘samengesteld’ duidt aan dat er meer dan 1 geslepen lens gebruikt word. De combinatie van de op verschillende manieren geslepen lenzen achter elkaar in een buis of holle pijp, levert sterke vergrotingen op voor degene die erdoorheen kijkt. De microscoop vergroot iets wat heel klein en dichtbij is. Hiermee ging een totaal nieuwe wereld open. Ook de natuur kon tot in de nauwkeurigheid bestudeerd worden, maar dit waren geen zaken waar Janssen of Lipperhey mee bezig waren.Er wordt ook gezegd dat deze uitvinding niet door Zacharias Janssen is gedaan omdat hij in 1595 nog maar net 7 jaar oud was en het vrijwel onmogelijk is dat een kind op die leeftijd een microscoop uitvind. Aannemelijker is dat hij zijn vader, Hans Janssen, op nieuwe ideeën heeft gebracht en hem ondersteund heeft bij proeven en onderzoeken. Zacharias neemt de uitwerkingen van zijn vader over en verfijnd deze.

De microscoop wordt door de jaren heen nog verder ontwikkeld en verbeterd. Dit gebeurt o.a. door Jan Swammerdam (1637-1680) en Antoni van Leeuwenhoek (1632-1723). Vooral van Leeuwenhoek doet een belangrijke aanpassing.  Hoe van Leeuwenhoek de microscoop inzette voor zijn onderzoeken en wat zijn belangrijkste ontdekkingen waren, is te vinden in het artikel ‘Antoni van Leeuwenhoek’. Voor meer over Jan Swammerdam verwijs ik door naar het gelijknamige artikel.

De telescoop

Wéér een belangrijke uitvinding waar de vraag boven hangt, ‘Wie heeft het nu uitgevonden?’, is de telescoop. Ook dit keer is de strijd tussen Janssen en Lipperhey.  De uitvinding werd toegeschreven aan Zacharias Jansen maar verschillende bronnen spreken elkaar tegen. Er blijft een grote verwarring over bestaan. In 1604 ontmoet Janssen een man die hem door een buis laat kijken. Wanneer hij zelf kijkt ziet hij het object waar hij naar kijkt, levensgroot. Op de buis staat het jaar 1590 en hij ziet twee verschillende lenzen. Een sterke holle lens aan de kant waar je doorheen kijkt en aan de andere een bolle lens.

Ondanks dat Janssen op dit moment nog maar 16 jaar is, beschikt hij na alle ervaring over een echte vakmansoog. Hij heeft een brede kennis van lenzen, hun vorm, en de invloed ervan op de sterkte. Bovendien is hij ondernemingsgezind en ziet hij mogelijkheden om hier zijn geld mee te verdienen. Hij gebruikt het model van de man als basis en bouwt hem na om hem te verbeteren. Nog datzelfde jaar (1604) heeft hij de ‘buysen om verre te sien’ ontwikkeld. Met deze kijkers en zijn brillen gaat hij enkele jaren later, in 1608, op reis naar de najaarsmarkt van Frankfurt.

Hans Lipperhey

Dat jaar, 1608, krijgt Hans Lipperhey bezoek van een belangrijke man uit Alkmaar. Dit is Jacob Metius, een kenner van lenzen die gehoord heeft over de uitvinding uit Zeeland, ‘buysen om verre te sien’.Op het moment dat hij de inwoners van Middelburg vraagt naar de maker van deze uitvinding neemt men bewust de keuze, niet over Janssen te beginnen. Hij is er tenslotte toch niet en men weet niet wanneer hij terug komt. Zodoende wordt Lipperhey aangewezen. Hans Lipperhey maakt op dat moment ook kijkers met het model van Janssen als voorbeeld. Hij geeft Metius een uitgebreide uitleg over de totstandkoming en de werking. Toch verkoopt hij er geen aan Metius want deze heeft voor zichzelf genoeg gezien en gehoord, om er zelf een te maken. Lipperhey beseft zich hierdoor wel wat de mogelijke waarde van de kijker kan zijn en besluit octrooi aan te vragen.

Hij geeft een demonstratie en iedereen is enthousiast. Een paar weken later vraagt ook Metius octrooi aan wat voor verwarring zorgt. Deze verwarring wordt nog groter als er een brief volgt van de Zeeuwse Staten.

Inmiddels is Janssen thuis gekomen van zijn reis en heeft hij vernomen wat er zich allemaal heeft afgespeeld. Hij stapt woedend naar de Zeeuwse Staten en probeert aan hun uit te leggen dat hij Lipperhey heeft geleerd hoe hij de kijker kon maken en dat Lipperhey nu met de eer probeert te strijken. Na dit voorval wordt er een brief gestuurd naar de Staten Generaal, die uiteindelijk besluit dat niemand het octrooi krijgt. De ‘buysen om verre te sien’, de verrekijker, is de voorloper van de Telescoop.

Jacob Metius

De octrooi aanvraag van Jacob Metius wordt afgewezen. Lipperhey houd er ook geen octrooi aan over maar wel een opdracht van de Spaanse generaal, en verdiend goed aan deze opdracht. Janssen houd er helemaal niks aan over. Hij kan Lipperhey niet meer als vriend beschouwen en het is niet bekend of hij veel verdiend met het verkopen van brillen en verrekijkers. Hij staat vooral slecht bekend vanwege zijn regelmatige dronkenschap, zijn schulden, en het vervalsen van munten waardoor hij zo nu en dan moet vluchten.

Hoe het ook zit, de Kijker is in Nederland, Zeeland, ontwikkeld en de hele wereld rond gegaan.  De Italiaanse hoogleraar meetkunde en mechanica,  Galileo Galileï, hoorde ook over deze kijker en heeft zijn eigen exemplaar gemaakt. Met een aantal belangrijke aanpassingen kon hij hiermee het universum bestuderen en ontdekte hij de vier manen van de planeet Jupiter. Ook ontdekt hij later zonnevlekken op de zon en schijngestalten van Venus. Deze ontdekkingen hebben een belangrijke rol gespeeld in hoe wij vandaag de dag het heelal zien.

Maar wie was nou dé uitvinder?

Later wordt er nog een onderzoek gedaan naar de eerste uitvinder van deze uitvindingen. Zacharias Janssen is dan al overleden maar wordt vertegenwoordigd door zijn zoon. Helaas wilt dit niet baten en besluit het bestuur de eer toe te kennen aan Lipperhey. De lijfarts van Koning Lodewijk XIV is het hiermee niet eens en houd vol dat Janssen de eerste uitvinder is.

Deze uitvindingen hebben een grote bijdrage geleverd aan de revolutionaire ontdekkingen op het gebied van astronomie, geneeskunde en anatomie.

microscoop

 

 

Bron:

http://www.geschiedeniszeeland.nl/tab_themas/themas/zacharias_jansen/

http://www.goudeneeuw.uva.nl

 

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s