Home
Pieter Claesz, vanitas stilleven, 1630

Pieter Claesz, vanitas stilleven, 1630

Stilleven

Het nieuwe, realistische type stilleven ontstond samen met het nieuwe landschap.[1] En net zoals bij het landschap verschijnt er in de loop der tijd een soortgelijke tonaliteit in de kleurstelling, waarschijnlijk uit esthetische overwegingen, geplaatst in een onbepaalde ruimte. Op de kunstmarkt namen stillevens net zoals landschapschilderijen een belangrijke plaats in tussen het gevarieerde aanbod en deze benaming als genre wordt pas in 1650 als eerste gebruikt. Voorheen spreekt men van keuken, bloemen, vis of fruitstukken of van banketje of ontbijtje. Dit is de meest gespecialiseerde tak van de Nederlandse schilderkunst en de schilder beperkte zich vaak tot een enkele categorie voorwerpen. Zonder dat zij het zelf wisten, begonnen deze specialisten aan te tonen dat het onderwerp van een schilderij veel minder belangrijk is dan men misschien zou menen.[2]

Hans Bollongier, Stilleven met bloemen, 1639

Hans Bollongier, Stilleven met bloemen, 1639

Bij bepaalde thematieken van het stilleven is het mogelijk om ze te koppelen aan steden; bloemstillevens kwamen bijvoorbeeld tot bloei in Middelburg en Haarlem. De betekenis van een bloemstilleven met bloemen in volle bloei was vergankelijkheid want men bekeek de natuur vaak op een moralistische manier. In Leiden was er bijvoorbeeld een concentratie van allegorische-stillevens schilders met allerlei toespelingen op de Vanitas (ijdelheid, vergankelijkheid). Misschien had het feit dat Leiden een universiteitsstad was daar iets mee te maken, het is aannemelijk dat er een grote groep intellectuelen woonde met belangstelling voor ‘moeilijke’ schilderijen.[3] Vanitas-stillevens zijn voorzien van een schedel en parafernalia die aan de dood en de ijdelheid der dingen moeten herinneren.[4]

Floris van Dyck, Ontbijtje, 1613

Floris van Dyck, Ontbijtje, 1613

Waarschijnlijk was de vraag naar schilderijen met kostbare bloemen en vruchten, met wildbraad of duur servies zeer groot en deze schilderijen, het pronkstilleven gingen meestal vergezeld van een morele of verheven gedachte. Veel van deze afgebeelde verleidelijke aardse en esthetische voorwerpen zijn vergankelijk: want bloemen kunnen verwelken, fruit kan gaan rotten of door ongedierte aangetast worden en de pasteien kunnen bederven. De vervaardiging van stillevens was een arbeidsintensiever, dus een duurder karwei dan het schilderen van landschappen, want de specialisten in dit genre waren soms weken bezig om de juiste realistische stofuitdrukking te verkrijgen.


[1] Fuchs, R., H., 1979, blz. 108

[2] Gombrich, E.H., 2011, blz. 430

[3] Fuchs, R., H., 1979, blz. 50

[4] Vlieghe, H., Kieft, G., Wansink, C., J.A., 2007, blz. 191

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s